
Lokaliseren met camera-inspectie.
Een endoscopische camera wordt eerst door het kanaal geleid om:
te bepalen waar het beton zit,
hoeveel het is,
of het kanaal vervormd of gescheurd is,
of het überhaupt bereikbaar is.
Dit voorkomt dat onnodig veel kanaal opengebroken wordt.
Als het om kleinere betonresten gaat (bijv. resten die tijdens de bouw in het kanaal zijn gevallen), kan men gebruikmaken van:
Roterende freeskoppen of harde borstels
Speciale schraap- of beiteltips op flexibele stangen
Industriële afzuiging om alles meteen af te zuigen
Dit werkt alleen als het beton NIET volledig is uitgehard of geen massieve plug vormt.
Wanneer het beton:
een groot stuk van het kanaal vult,
volledig uitgehard is,
of herhaaldelijk het systeem blokkeert,
dan moet een deel van de schacht of leidingwand worden geopend.
Dit gebeurt vaak via:
het plafond,
een techniekruimte,
een gangplafond.
Daarna wordt het beton handmatig verwijderd met:
kleine elektrische hamers,
beitels,
stofvrije afzuiging.
Daarna wordt het kanaal weer luchtdicht hersteld.
Soms is verwijderen niet haalbaar of te risicovol, bijvoorbeeld als:
het beton in een kronkel of onbereikbaar deel zit,
het kanaal beschadigd is,
het beton een dragend onderdeel geraakt heeft.
Dan wordt het betreffende deel van het kanaal gesloopt en vervangen.
Niet zelf hakken of boren → je kunt het kanaal perforeren, wat grote lekkage veroorzaakt.
Geen chemische middelen gebruiken → agressieve stoffen tasten het metaal/plastic aan.
Geen water gebruiken → vocht veroorzaakt schimmel en schade.
Geen kracht zetten met stokken → je duwt het beton vaak dieper en maakt het erger.
Verminderde of volledig geblokkeerde luchtstroom
Brandveiligheidsrisico door drukopbouw
Geluidsoverlast door turbulentie
Vocht-, schimmel- en geuroverlast
Slechte luchtkwaliteit in de woning
Mogelijke VvE-aansprakelijkheid als het een gemeenschappelijk kanaal betreft
In nieuwbouwwoningen en gebouwen waar de kanalen in het beton zijn gestort komt het regelmatig voor dat deze nog betonresten bevatten (tijdens het storten is het beton zo dun dat het terecht kan komen in het ventilatiekanaal tussen de aansluitingen door).
Het kan ook gebeuren dat de kanalen en vooral de hulpstukken en verbindingen tijdens het storen vervormd raken door dat er iemand boven op het ventilatiekanaal staat. Zo komt er ook beton in het ventilatiekanaal.
Maar bij wie leg je de verantwoording als er beton in het kanaal zit.
Wij zeggen bij iedereen die op de bouw werkt en in aanraking komt met de kanalen
De installateur moet de verbindingen en kanalen degelijk vastzetten en de rest van het bouwvolk
moet voorzichtig zijn met het kanalenwerk!
Die zien en horen we steeds vaker bij de kunststof kanalen die gebruikt worden in de bouw.
Het voorkomen dat er beton in een ventilatiekanaal terechtkomt begint al tijdens de bouw- of renovatiefase. Beton in een kanaal is bijna altijd het gevolg van slechte afscherming, onoplettendheid of verkeerd geplande werkzaamheden. Hieronder staan alle effectieve maatregelen om het risico tot nul te beperken.
Voor elke betonstort of sloopwerkzaamheden moeten ventilatiekanalen worden:
afgeplakt met dikke PE-folie,
afgedekt met afsluitdoppen,
of mechanisch afgesloten met harde kapjes.
Tape en folie moeten bestand zijn tegen vocht, druk en vallend puin — geen dun schilderstape.
Plaats voor werkzaamheden:
stofschotten,
tijdelijke bouwplaten,
of houten beschermingskappen
rond ventilatieopeningen in plafonds en wanden.
Zo voorkom je dat beton of puin per ongeluk in de opening valt.
Veel incidenten ontstaan doordat bouwteams niet weten dat er actieve ventilatiekanalen lopen.
Belangrijk is om:
het team expliciet te instrueren over de locatie van alle kanalen,
waarschuwingstickers of markeringen te plaatsen,
ventilatieopeningen op bouwtekeningen duidelijk te markeren.
Bij vloerstort, cementdekvloeren of balkons storten:
controleer vooraf of er geen open kanaal in bereik zit,
plaats een harde afdekkap (bijv. een PVC-deksel, houten plaat of metalen rozet),
laat een voorman dit controleren voordat gestort wordt.
Laat de ventilatiepartij vooraf:
alle openingen nalopen,
afdekkappen plaatsen of checken,
en foto’s maken als bewijs.
Dit vermindert fouten door onderaannemers aanzienlijk.
Tijdens bouw worden ventilatieopeningen soms gebruikt als:
tijdelijke opbergplek,
afvalbak,
plek om gereedschap in te zetten.
Dit moet altijd verboden en gecontroleerd worden – veel betonincidenten beginnen met “er lag al rommel in het kanaal”.
De uitvoerder of toezichthouder moet:
dagelijks controleren of alle afschermingen intact zijn,
beschadigde folie of doppen direct vervangen,
de ventilatieopeningen pas vrijgeven als alle natte werkzaamheden klaar zijn.
Ventilatiekanalen open laten “omdat we morgen weer verder gaan”.
Afplakken met dun tape dat niet tegen vocht kan.
Ventielen los laten hangen tijdens afbouwwerkzaamheden.
Vertrouwen dat elke onderaannemer zelf wel oplet.
